Amandelboom

Familie: Rozenfamilie

Prunus dulcis

Over Prunus dulcis

De amandelboom (Prunus dulcis) is een van de vroegst bloeiende sierbomen en de stamvader van de gecultiveerde amandel. Afkomstig uit Centraal-Azië en het Midden-Oosten — van Iran en Afghanistan tot Syrië en Turkije — is hij al duizenden jaren in cultuur. In de Middellandse-Zee-regio groeien amandelboomgaarden op droge, kalkrijke hellingen die voor andere fruitbomen niet geschikt zijn. De amandelboom groeit als een kleine, brede boom met een open, onregelmatige kroon. Bij volwassenheid bereikt hij een hoogte van 3 tot 6 meter. De stam is grijsbruin; bij oudere bomen wordt de bast diep gegroefd en schilderachtig van karakter. Het blad is smal en langwerpig, frisgroen in het voorjaar. In de zomer is het donkergroen. In de herfst kleurt het spectaculair oranje-rood — een rijke herfstkleuring die verrassend is voor een mediterrane soort. De bloei in februari en maart is het absolute hoogtepunt: de kale takken worden bedekt met witte tot lichtroze, vijfbladige bloemen die vroeger bloeien dan vrijwel elke andere sierBoom. Deze vroege bloei is een van de eerste tekenen van de naderende lente. Na de bloei rijpen in de zomer ruwe, groenachtige vruchten die een harde noot omhullen — de amandel. In Nederlandse omstandigheden zijn de vruchten klein en de noot dun van vlees, maar eetbaar. De amandelboom vraagt volle zon en groeit op leem en zandgrond. Volledig winterhard, maar de vroege bloemen zijn kwetsbaar voor nachtvorst in februari-maart. Een sierlijke boom met vroege bloei en mooie herfstkleur.

Toepassing en standplaats

De amandelboom is een uitstekende solitaire sierBoom voor tuinen, parken en beschutte binnenplaatsen. Door zijn vroege bloei is hij bijzonder waardevol als één van de eerste bloeiende bomen van het jaar. Zijn compacte formaat maakt hem ook toepasbaar in kleinere tuinen. Standplaats: volle zon, warm en beschut voor de beste bloei en vruchtzetting. Bodem: leem en zandgrond zijn geschikt; goede drainage is essentieel. Volledig winterhard, maar de vroege bloemen in februari-maart zijn kwetsbaar voor nachtvorst. Een beschutte, warme standplaats — bij voorkeur aan een zuidmuur — geeft de beste bloeiresultaten. Geen bijzondere snoei nodig.

Weet je al precies wat je nodig hebt?

Elke tuin en elk groenproject is anders. Daarom maken we bij Smits Boomkwekerij geen standaard offertes, maar kijken we graag samen naar wat past bij jouw wensen, planning en het karakter van het project.

ons advies

De eigenschappen hieronder tonen de ideale omstandigheden voor een Prunus dulcis. Ze helpen bij het kiezen van de juiste soort voor jouw project, maar kunnen per tuin of project licht variëren.

de hardlopers

Dit is een lijst met de meest gekozen producten. Zoek je een specifiek product? Neem contact met ons op en wij helpen je graag persoonlijk verder. 

Afmeting

Waarde

Leveringsvorm

Kenmerk

Foto

Ontbreekt de afbeelding?
Mail naar info@smitsbv.nl

Staat de Prunus dulcis die jij zoekt er niet tussen?

Geen zorgen. De kans is groot dat wij de soort die jij zoekt alsnog hebben! Neem contact met ons op en wij helpen je graag verder. 

Elke tuin en elk groenproject is anders. Daarom maken we bij Smits Boomkwekerij geen standaard offertes, maar kijken we graag samen naar wat past bij jouw wensen, planning en het karakter van het project.
Laat je inspireren door ons park, containerveld en de manier waarop bomen en hagen samenkomen in het ontwerp. Ideaal om ideeën op te doen voor jouw volgende project.
Ontdek hoe hoveniers en ontwerpers ons groen toepassen in hoogwaardige tuin- en groenprojecten. Van villatuinen tot grotere landschappelijke projecten.

FAQ

Veelgestelde vragen over Prunus dulcis

De amandelboom bloeit bijzonder vroeg: in februari en maart, op de nog kale takken. Dit maakt hem tot een van de vroegst bloeiende sierbomen van het jaar, samen met de sneeuwklokjesboom en de vroege magnolia’s. De witte tot lichtroze bloemen geven de boom een prachtig voorjaarsaspect voordat andere bomen uitlopen.
Ja, de amandelen zijn eetbaar. In Nederlandse omstandigheden zijn de noten kleiner dan bij gecultiveerde amandelen uit het Middellandse-Zeegebied, maar ze zijn eetbaar en smakelijk. De ruwe groene vruchten rijpen in de zomer. Bij rijpheid splitst de buitenkant open en is de harde noot met de amandel beschikbaar.
De amandelboom zelf is volledig winterhard in Nederland. De vroege bloemen in februari-maart zijn echter kwetsbaar voor nachtvorst. Na een vorstperiode vlak na de bloei kunnen de bloemen bevriezen en zet de boom geen of minder vruchten. Een warme, beschutte standplaats aan een zuidmuur beperkt dit risico.
De amandelboom groeit tot een kleine, brede boom van 3 tot 6 meter hoog, met een open, onregelmatige kroon. Door zijn compacte formaat is hij ook goed toepasbaar in kleinere tuinen en op beschutte binnenplaatsen. Aan een warme zuidmuur blijft hij compacter en bloeit hij rijker.
De amandelboom vraagt volle zon en een warme, beschutte standplaats. Een zuidgerichte plek — bij voorkeur langs een muur die warmte opslaat — geeft de beste resultaten voor bloei, vruchtzetting en de vroege bloem in februari-maart. Koude noordenwind en late nachtvorst zijn de grootste risico’s.
De amandelboom heeft een verrassend mooie herfstkleur: het smalle blad kleurt spectaculair oranje-rood in de herfst. Dit is onverwacht voor een mediterrane soort en maakt hem ook als herfstboom aantrekkelijk. De rode herfstkleur is het meest intens op een zonnige standplaats.
Ja, de amandelboom is bladverliezend. Na de oranje-rode herfstkleur valt het blad in november. In de winter staat de boom kaal. De grijsbruine, bij oudere exemplaren gegroefd stam is in de winter goed zichtbaar. De vroege bloemknoppen zijn al vroeg aanwezig als aankondiging van de komende bloei.
De amandelboom groeit op leem en zandgrond. Goede drainage is essentieel; stagnerende nattigheid verdraagt hij slecht. In zijn thuisland groeit hij op droge, kalkrijke hellingen die goed doorlatend zijn. Een licht zure tot kalkrijke, goed doorlatende grond in de volle zon geeft de beste groeiresultaten.